Achterdorperweg 1

Achterdorperweg 1

Achterdorperweg 1
M 1028

Auteur:
Evert de Jonge

 

Inhoudsopgave:

    Inleiding

     

    Wie aan de Veluwe denkt, denkt aan een protestants gebied, maar niets is minder waar. Er waren diverse katholieke enclaves, zoals De Oosterhof in Vaassen. Ook in Emst woonden katholieke families, zoals in het Westbroek en het Achterdorp.

     

    AE 001
    Achterdorperweg 1

    RK-familie

    Aan de Laarstraat woonden Jan Jansen & Derkje Cornelis. Zij hadden tenminste twee zonen: Cornelis en Jan Janssen. Vader Jan overleed voor 1741, waarna het bezit voor de helft in eigendom kwam van de kinderen. Uit een latere akte, 1752, bleek dat moeder volledig eigenaresse was. Mogelijk kreeg zoon Cornelis voldoende geld en verwierf hij de (grond van de) boerderij waarover dit verhaal handelt.

    Dat moet dan voor 1749 zijn geweest, want in het Haardstedenregister van 1749 werd hij als wonende in het Achtendorp genoemd. Het huis had volgens het register een schoorsteen, een hof met enig land. Was hij de bouwer?

    Hij trouwde maart 1752 in Epe met Hendrikje Hermans. Het huwelijk werd zoals verplicht ingeschreven in de registers van de NH-kerk.

    Woonden de ‘gehuwden’ echter al samen en wilden zij als RK niet echt voldoen aan de toenmalige verplichtingen en hadden zij al voor 1752 kinderen? Zo ja, dat verklaart dat hun zoon in 1764, dus 12 jaar na het huwelijk, in de RK-kerk van Vaassen in het huwelijk trad met Evertje Berents en drie jaar later eveneens in de RK kerk van Vaassen met Willemijna Jans (Klaverwal) uit Apeldoorn.

    Dat Jan een zoon was van Cornelis en Hendrikje blijkt uit akten. Hij werd later eigenaar van de boerderij in het Achterdorp.

    In 1773 werd de boerderij verkocht aan Gerrit Berents & Trijntje Jans. De omschrijving luidde: huisje, hof en bakoven, in het Achterdorp, met als aangrenzende buren O: H.L. Brummel, Z: de gemeente, W: Jan Oosterhuijs, N: Dwarsstraat, jaarlijks betalende tijns, verkoopprijs 275 gld.

    Gerrit overleed in 1802: zijn schoonzoon Jacob regelde de begrafenis.

    Enkele jaren later bleek dat moeder Trijntje ook was overleden. In 1805 verkochten de (aangehuwde) kinderen Jacob Jonker & Evertje Gerrits, Berend Gerrits & Janna Theunis, Hendrik Arends & Jannetje Gerrits en Jan Gerrits, de boerderij aan Engbert Nieuwenhuis & Maria Verbree.

     

    Brummel

    Lang genoot Maria niet van de nieuwe behuizing. Zij overleed in februari 1810, 49 jaar oud. Engbert hertrouwde met Geertje Zoeten. Toen hij in 1842 overleed werd het huis genummerd als ‘nr. 277 aan de Emsterenk’.

    Op 22-7-1842 verkochten Pieter Louis Berkhoff, koopman, en de kinderen Gerhardus, Johanna, Engberta, Eva, Jacob en Hendrik Jan Nieuwenhuis aan Lammert Brummel Hzn., het huis, met een hof, berg en stukjes land, M 823, M 1028 (huis), M 1029 ‘aangekomen van hun ouders’. De aanwezigheid van Berkhoff in deze akte doet vermoeden dat deze een lening had verstrekt aan Engbert Nieuwenhuis & Maria Verbree.

    Op het moment van aankoop was Brummel weduwnaar van Elisabeth van den Brink. In 1855 verdeelde hij zijn bezittingen – waarde 11.532 gld. (drie huizen) – met zijn drie kinderen. Uit de akte bleek dat hij zowel landbouwer als bakker was. Het huis en erf, M 1028-1029, 23 roeden, ging naar dochter Fennigje Brummel, die in 1834 in Epe getrouwd was met Arien Beekhuis, zoon van Hendrik Alberts Beekhuis en Gerbertje Scholten. Hij overleed in 1863.

    In 1879 werd de woning gesplitst (M 2154 en M 2155), mogelijk kreeg een van de kinderen een deel van de woning, al duurde dat niet lang want in 1889 werd het weer een geheeld onder nummer M 2414.

    In 1893 overleed moeder. Zoon Gerhardus (Gradus) Beekhuis, geboren 1837, kocht de anderen uit en werd eigenaar. Hij was in 1861 te Epe getrouwd met Johanna van Essen, dochter van Willem van Essen en Geertje Jonker.

    Er werd flink gebouwd: in 1908 een kookhuis en in 1909 bijbouw, zodat er een nieuw kadastraal nummer volgde: M 2682. In 1915 werd er weer gebouwd. Op Topotijdreis zijn op de plek zo rond 1900 aardig wat gebouwen te zien. Schijnbaar werd er ook wel zonder toestemming van de gemeente gebouwd!

    Na het overlijden van Gradus in 1906 bleef Johanna met de kinderen op de boerderij.

    Berkhoff

    Johanna overleed in 1931. Er volgde een boedelscheiding en verkoop aan dochter Aaltje Beekhuis, die in 1889 te Epe in het huwelijk was getreden met Gerhardus Hendrikus Berkhoff, zoon van Gerrit Berkhoff en Janna Hendrika Nieuwenhuis. De bruidegom was een kleinzoon van Pieter Louis die we al tegenkwamen.

    In 1938 werd het oude huis gesloopt, waarna een deel als M 3011 werd genoteerd in het kadaster, zijnde een nieuw huis en diverse bijgebouwen waaronder een wagenloods. Overigens was het echtpaar ook eigenaar van omliggende panden, zoals M 2426 en M 2604.

    Later werd hun zoon Johannes Hendrikus Berkhoff, geboren 1892, eigenaar, al bleven zijn ouders in de zogenaamde kamer wonen. Hij zou in 1934 te Epe trouwen met Aartje Bosch, dochter van Aart Bosch en Geertje van Zuuk.

    In 1974 werd het echtpaar Aart Schrijver en Gerritje Nijkamp eigenaren. Zij hadden vlakbij al meer bezit verworven.

     

    Bronnen

    SAEHH

    Not. archieven, akte 73, 22-7-1842, akte 50, 5-4-1855

     
    Geen reactie's

    Sorry, het is niet mogelijk om te reageren.